Gepubliceerd op:
04 mei 2026
Gewijzigd op:
12 mei 2026
Gelezen: 244 x
Hoogovenslakken en illuminasie
Ik ben een jaar of zes zeven oud en sta op de (westelijke) Kanaaldijk naast mijn vader die een gesprek voert over dagelijkse dingen met kippenboer Albert Lemke. Het is een rustige avond, eind oktober en de schemering begint in te vallen. Aan de overkant is de Jaagweg waarlangs de paarden vroeger de beladen zeeschepen van Den Helder naar Amsterdam trokken. Dat jagen gebeurde ook langs de westelijke kant waar wij nu staan, afhankelijk van de windrichting.
De Jaagweg is verhard, bestraat met klinkers want asfalt is nog maar net in opkomst. Vanuit Purmerend nadert een rijtje motorvoertuigen met enorme koplampen die hun verblindende lichtbundels ongecoördineerd in onze richting werpen wat aan Albert de verbaasde uitroep “Het lijkt de illuminasie wel” ontlokt.
De Kanaaldijk waar wij op staan is een onverhard tweesporig pad waarover dagelijks slechts een enkele auto en een paar paardenkarren over passeren. De modderige kuilen in de weg worden door het waterschap geregeld opgevuld met een restproduct van de hoogovens in Velsen. Deze staalslakken zagen er intrigerend uit met metalige blauwe en paarse kleurschakeringen alsof ze rechtstreeks uit een vulkaan afkomstig waren en pas net afgekoeld. In latere jaren werd onze dijk regelmatig “verhard” met ander, lichtgrijs gesteente van onbekende herkomst, wellicht het restproduct van een aluminiumfabriek. Dit laatste product had als eigenschap dat het in droge perioden achter voorbijrijdende auto’s enorme stofwolken teweegbracht wat bij oostelijke wind tot gevolg had dat tuin en gevels bedekt werden met een dikke laag grijs stof.
Hoogovenslakken dus. Onder de degelijke asfaltlaag die enkele decennia later werd aangebracht ligt een enorme hoeveelheid van “vrijwel alle denkbare zware metalen”.
Eerdere artikelen

Paardenbloem en Hondsdraf
De zigeuner met het witte paard
